Melk

Van de zuivelproducten zijn de zure melkproducten (karnemelk, yoghurt en biogarde) het minst schadelijk. Gebruik kaas met mate en geef de voorkeur aan geitenkaas, dit ook in verband met de verteerbaarheid. Kaas bevat bovendien een hoog percentage aan verzadigde vetten, deze zijn ongezond.

Melk is zwaar verteerbaar en bovendien zijn veel mensen allergisch voor lactose (melksuiker). Een aantal redenen waarom u er verstandig aan doet de zuivelconsumptie te beperken: De lichaamsvreemde vorm van calcium (calciumcarbonaat) in koemelk is voor de mens nauwelijks opneembaar. Het melkeiwit caseïne is voor ons zo goed als niet verteerbaar. In de maag stolt caseïne met de rest van de voeding, waardoor andere voedingsmiddelen slecht uiteen vallen, en in de darmen creëert caseïne slijm en blokkeert het de opname van andere voedingsstoffen. De meeste mensen ouder dan 5 jaar zijn overgevoelig voor melksuiker, oftewel lactose intolerant. Het enzym lactase breekt de melksuiker, maar wordt vlak na de zoogperiode niet meer aangemaakt. Melksuiker wordt dus niet meer afgebroken, maar door bacteriën omgezet in CO2 en melkzuur, hetgeen vocht aanzuigt. Het akelige resultaat: diarree, krampen, gasvorming en sporen van bloedverlies. Melk maakt de maag basisch terwijl we juist zuur maagzuur nodig hebben om de maaltijd te verteren. Bovendien vermindert melk op den duur de aanmaak van maagzuur en van een essentieel hormoon (intrinsieke factor), hetgeen kan leiden tot tekorten van diverse mineralen. Door homogeniseren en pasteuriseren van de koemelk is melk nog zwaarder verteerbaar.

Lactase tekort of gebrek:
Lactase is nodig voor de splitsing van lactose in galactose en glucose in melk. In de moedermelk zit vrij veel lactose en renine, maar de zuigeling maakt voldoende lactase om dit te verteren gedurende de eerste 3 jaar. Sommige volkeren, met name de Denen, Finnen, blanke Amerikanen en de Zwitsers kunnen koemelk verteren zij blijven erfelijk bepaald lactase maken. Volgens Dr.Kretchmer is het een natuurlijk proces dat men geen lactase meer vormt en dat de genetische bepaling daarvan tot gevolg heeft dat sommige volken alleen konden overleven door het drinken van melk. Bij de mens vindt de lactaseproductie plaats in het laatste kwartaal van de zwangerschap en na de geboorte. Indien er geen lactase meer gevormd wordt in het jejunum (middenste deel van de dunne darm), dan wordt de lactose door bacteriën omgezet in gas (CO2) en melkzuur, dat vocht aanzuigt. Een tekort of gebrek aan lactase veroorzaakt diarree, krampen, opgezette buik, flatulentie en sporen bloedverlies, met anemie (=bloedarmoede) tot gevolg. Gelijkaardige problemen zien we bij sojamelk, gluten (meestal tarwe), eieren, maïs en noten (pinda's).


Lekkend darmsyndroom:
Het antistof IgA voorkomt dat te grote eiwitten de darmwand passeren. Vrouwen die tijdens de zwangerschap en de zoogperiode veel koemelk drinken, verbruiken veel IgA. Door een gebrek/tekort aan (s)IgA ontstaat het zogenaamde. lekkend darmsyndroom met onder andere bloedarmoede als gevolg. Minstens zo vervelend is dat de baby te weinig IgA ontvangt en daardoor makkelijker allergisch reageert met bijvoorbeeld eczeem. Door het lekkende darmsyndroom komen te grote eiwitten in de circulatie die lichaamsvreemd zijn en waarop het lichaam reageert. De allergie kan zo ernstig zijn, dat elk spoortje in voeding al een reactie kan geven. Ook Dr. Werthmann beschrijft de nadelige effecten van melk (maar ook van eieren) en de daling van het IgA waardoor allergie en een atrofisch dunne darmslijmvlies ontstaat. Melk remt de mineralen opname, maar ook de vorming van de intrinsic factor, waardoor de opname van vitamine B12 afneemt en een allergie kan ontstaan. Tegelijk vinden we in het bloed vaak een verhoogde IgA en IgE.

Doordat het IgA vernietigd wordt, kunnen ernstige darmstoornissen ontstaan in de vorm van:
  • Chronische diarree met slijm.
  • Verlies van bloed en anemie.
  • Gasvorming met opgezette buik.
  • Braken, vooral bij baby's.
  • Nachtelijk huilen van baby's.
Luchtwegen, huid en centraal zenuwstelsel:
Melk is slijmvormend en dus belastend voor de luchtwegen. Helaas pikt de reguliere gezondheidszorg de wetenschappelijk gedocumenteerde nadelen nog maar slecht op. Hoewel België en Nederland in vergelijking met andere West-Europese landen de hoogste consumptie van zuivel kennen (en als dusdanig ook calcium), hebben wij procentueel de meeste botbreuken.

Een aantal symptomen zijn:
  • Chronische of steeds terugkerende verkoudheden en neusverstopping.
  • Chronische of steeds terugkerende bronchitis.
  • Astma, hooikoorts en frequent niezen.
  • Eczeem en andere huid uitslagen zoals urticaria. Dit kan ook ontstaan bij een borstvoedingkind wanneer de moeder veel melk drinkt. Word de melk bewerkt met het kefirplantje, dan gaat het goed.
Allergieën nemen af bij de zuigeling als de moeder lactobacillen inneemt:
  • Middenoorontstekingen.
  • Algemene verlaging van het immuunsysteem.
  • Groeipijnen en vroegtijdige reumatoïde artritis.
  • Migraine en zelfs epilepsie.
  • ADD, ADHD en ASS.
Meer kans op voedingsintoleranties:
Hoe vroeger een kind melk van een dier krijgt, hoe vroeger er een kans bestaat op een intolerantie. Dit volgens verschillende kinderspecialisten in Amerika (Dr. J.Dan Bagget in Alabama, Bahna SL en Heiner DC. Allergies to milk. New York, Gune and Stratton, 1980).

Vermindering van de weerstand:
Een andere ervaring is dat de streptococcus beta-hemolyticus onder normale omstandigheden zelden in de keel komt, maar wel als men melk drinkt. Zowel streptokokken pharyngitis als pyodermie wordt door het drinken van melk bevorderd. Het vervelende is dat niet alleen melk dit bevordert, maar ook kaas en ijs. Hierdoor kunnen ook de groeipijnen en de artritis ontstaan, vooral als men de amandelen eruit haalt. Dit laatste geeft later meer kans op reuma.

Ziekte van Crohn:
Een onderzoek in Groot-Brittannië is tot de conclusie gekomen dat in 92 % de oorzaak in de melk te vinden was. In de melk zit de mycobacterium avium paratuberculosis. Deze bacterie wordt niet gedood bij de pasteurisatie. (6 aug. 2003 Crohn Milk Bug).

Middenoor ontstekingen en frequente neusverkoudheden:
Indien baby's en kleine kinderen geen borstvoeding krijgen is de kans zeer groot dat zij otitis media (middenoor ontsteking) en frequente coryza krijgen. Zij gaan dan ook 's nachts veel huilen, maar dan van de pijn in de oren. De oorzaak is dan niet alleen de melk, maar bij het zuigen aan de borst gaat de onderkaak naar voren, waardoor de doorstroming van het bloed door neus en oren beter gaat en de buis van Eustachius open blijft. Dit is hetzelfde proces als het gapen en de kaak naar voren doen bij het dalen van het vliegtuig en onze oren dicht gaan. Bij de flesvoeding ligt het kind op de rug en valt de onderkaak naar achter. De buis van Eustachius klapt dan dicht. Dit gebeurt ook bij duimzuigers. De keel- en neusamandelen zullen dan ook gaan zwellen. Door te stoppen met melk schijnen de amandelen ook al te slinken. Bedenk ook dat de amandelen wat vergroot blijven tot hun 4° jaar en daarna gaan slinken, vooral als men naar een warm droog land gaat.

Weinig aminozuren:
Flesvoeding bevat weinig taurine: een onderzoek heeft aangetoond dat moedermelk wel 50 % aminozuren bevat, vooral glutaminezuur, glutamine en taurine. In de flesvoeding blijken er maar 10% te zitten. Taurine is voor kinderen essentieel en zij kunnen dit zelf niet maken uit methionine.

Nefrotisch syndroom:
Een ernstiger bijwerking van melk werd beschreven door onderzoekers van de universiteit van Colorado en van Miami. Zij constateerden bij kinderen met nephrosis tussen de 10 en 13 jaar, dat het eiwitverlies via de urine stopte als ze geen melk meer kregen en daardoor aanzienlijk opknapten. Toediening van melk deed het eiwitverlies weer verschijnen met het gevolg dat hierdoor oedeem optrad. Zij concludeerden dat allergie voor melk en ander voedsel een belangrijke rol speelt in de prognose van de nephrosis.

Gedrag en melk:
In Washington zag men de relatie van melkgebruik en een antisociaal gedrag. Juveniele delinquenten dronken 10 x zoveel melk als adolescenten met een gelijke achtergrond. De overgevoeligheid voor koemelk veroorzaakt naast een asociaal gedrag, gespannenheid, rusteloosheid, geirriteerdheid, ontevredenheid, gekke gezichten trekkerij en concentratie problemen. Anderzijds zien we ook moeheid, bleekheid, moeilijk wakker worden, donkere wallen onder de ogen, neusirritatie waarbij kinderen steeds met hun hand de neus naar boven wrijven, depressiviteit, angst en slapeloosheid. Naast melk moeten we ook letten op tarwe, suiker, graan en eieren. Melk blijkt in vele gevallen toch de grote boosdoener.

Het advies ‘drink melk’ is dus zeer discutabel.



Zie ook:
Lactose intolerantie
Lekkende darm
Voedselallergie